Pennen vallen makkelijk in een vaste groef

Op het college zijn we afgelopen donderdag nog een stap verder gegaan met de rol van tekst in de maatschappij, in de vorm van ‘critical discourse analysis’. Daarbij kijk je naar wat er in teksten gezegd wordt of juist niet, en wat dat zegt over machtsstructuren.

Ik liet een voorbeeld zien van een tekst over fietsende vrouwen, waarin stond dat zij minder tijd hebben om te fietsen dan mannen, omdat zij werken en zorg dragen voor huishouden en kinderen. Over één zo’n uitspraak is meteen een boel te zeggen: mannen zijn de norm en vrouwen de ‘afwijking’; mannen hebben kennelijk géén verantwoordelijkheid voor huishouden en kinderen; (alle?) vrouwen ‘moeten’ werken én hebben kinderen (die zorg nodig hebben die veel tijd kost; mannen hebben zeeën van tijd en fietsen dús veel.

Dat is nogal een clichébeeld, waarin misschien een grote groep zich zal herkennen, maar ook heel veel vrouwen én mannen niet, en die sluit je daarmee uit – wat niet de bedoeling was van de tekst, integendeel. Ook al staat nergens letterlijk ‘mannen zijn zus en vrouwen zijn zo’, toch discrimineert zo’n formulering.

Teksten reflecteren een wereldbeeld en bevestigen dat ook. Het is makkelijk om impliciet de status quo te bevestigen. De pen van schrijvers valt spontaan in die groef omdat we elkaar allemaal een beetje nadoen, althans, dat is de makkelijkste weg. En ja, dus schrijven zelfs fietsende vrouwen zo stereotiep over andere fietsende vrouwen…

Het hoort bij het dominante maatschappijbeeld om verschillen tussen mannen en vrouwen uit te vergroten, al is het maar om zo twee doelgroepen te kunnen benaderen met reclame en marketing: het verdeel-en-heers van de ver doorgevoerde liberale markteconomie. Eén van de studenten had daarvan een tenenkrommend voorbeeld bij zich: een reclamefolder voor speelgoedstofzuigers om ‘net zo goed te worden als mama’. Gericht op meisjes natuurlijk. Ergens schokkend dat dat nog altijd mag, of zelfs erger is geworden ten opzichte van mijn eigen jeugd.

Ik had het college gegeven, vond het erg leuk en de studenten hadden mooie voorbeelden te over, van expliciet discriminerende teksten tot heel subtiele (die dus eigenlijk geniepiger zijn). Onderweg naar huis las ik de nieuwsbrief van de schrijvers van Peak Performance en, toeval bestaat niet, ook zij doen daarin een knap staaltje critical discouse analysis. Al noemen ze het zelf niet zo en zijn ze zich er mogelijk niet eens van bewust.

Mini-samenvatting: in een artikel van CNBC wordt Jack Dorsey, de baas van Twitter, geïnterviewd over zijn leefstijl, dus over wat hij doet om gezond en energiek te blijven. Eén van de dingen die hij zegt is dat hij maar één keer per dag eet en regelmatig het hele weekend vast. Dat wordt (of werd – het artikel is enigszins aangepast) kritiekloos gepresenteerd als ‘biohack’, dus als manier om je lichaam te verbeteren, terwijl je het ook een eetstoornis zou kunnen noemen. Als een vrouw zoiets zou zeggen, zou het waarschijnlijk eerder als eetstoornis benoemd worden. Dat is op zich al interessant, maar, zo staat er in die nieuwsbrief, het tragische is ook nog dat daarmee eetstoornissen bij mannen niet zo gauw onderkend en dus behandeld worden. Interessant en kwalijk dat CNBC het nodig vindt om het verhaal zo te presenteren.

Mij inspireren deze voorbeelden en de werkwijze van de critical discourse analysis om ook in mijn werk alert te zijn op wat de tekst reproduceert. Bijvoorbeeld: managementjargon dat hiërarchisch machine- en machtsdenken verhult (bron). Ik werd me ervan bewust dat ook ik makkelijk in een groef val. Ik vind mezelf eigenlijk onvoldoende kritisch op de impliciete aannames en het wereldbeeld in de teksten van mijn opdrachtgevers. Zo’n college is ook een wake-up call…


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.