Just-in-time-passief

Een half uur geleden staarde ik naar dit weblog en dacht ik: ‘ik zou eigenlijk iets willen schrijven, want zo veel stelde het de laatste dikke week niet voor. Maar ik heb echt géén inspiratie’. Al mijn schrijfinspiratie is kennelijk gaan zitten in mijn nieuwe vakboek (goed op dreef, veel denkwerk) en in een stortvloed aan voorstellen: de afgelopen maand brak ik een acquisitie-record. Opmerkelijk, in een periode van economische malaise, maar wel fijn natuurlijk. Ik moet voor de herfst ook al echt mijn agenda in de gaten houden.

Ik zette dus een punt achter de werkweek, en pakte de krant. Zoals altijd eerst naar de pagina met Fokke & Sukke en het Ikje. En aah, wat een mooi ikje! Daar móet ik over schrijven.

Waar het op neerkomt is dat twee mensen van rond de 90 een telefoongesprek voeren, met deze passage:

“Hoe is nu je dag? Hoe laat sta je op?”
Even is het stil. Hij zucht: “Ik sta niet meer op. Ik word tegenwoordig opgestaan”.

En laat niemand, niemand, niemand ooit nog beweren dat je het passief moet vermijden! Anders dan met wordt opgestaan is dit echt niet uit te drukken! Prachtig gebruik van de vermaledijde constructie!

NRC, dank voor de just-in-time inspiratie! Nu is het weekend!

(Wie meer hierover wil weten, leze mijn serie over de lijdende vorm uit december 2011, deel 1, 2 en 3 of meer in het algemeen mijn Tekstbladcolumn over moeten’s en mag-niet’s. Voor mijn proefschrift had ik indertijd ook een paar prachtige voorbeelden van functionele, ja, zelfs literaire passieven!)


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.