Archief van juli 2010

Gewaagd goed voorbeeld ’so what’

donderdag, juli 29th, 2010

Eén van de belangrijkste dingen die je moet doen als je een adviesrapport (en vele andere tekstsoorten) schrijft, is de data voorzien van een so what: wat beteken de data met het oog op de belangen van de lezer/opdrachtgever? Dat gaat verder dan wat een conclusie genoemd wordt. Zoals ik het uitleg, is een conclusie nog wel met enige mate van objectiviteit te trekken, maar een so what (’synthese’) niet: er komt interpretatie bij, door de adviseur, gericht op de opdrachtgever.

Ik geef als voorbeeld altijd de fruitschaal, geel van kleur, met geel fruit erop (bananen, gele appels, citroenen). Wat betekent dit? Dat hangt af van met wie je communiceert. Als je ‘opdrachtgever’ een kunstschilder is die een stilleven gaat maken, is je advies: ‘je hebt vooral gele verf nodig’. Als je boodschappen doorbelt aan een fervent fruit-eter: ‘Haal er nog wat bij voor het weekend’, enzovoort, enzovoort.

Een goede so what vraagt dus om een op de ander gerichte interpretatie van de feiten. Het is daarmee subjectief, en dat moet het zijn, want adviseren is iets persoonlijks. In die zin verschilt het dus van een conclusie in een wetenschappelijk rapport, die streeft naar algemene waarheden en objectiviteit (of op z’n minst intersubjectiviteit). Het is eenzelfde soort subjectiviteit die maakt dat de diverse kranten verschillende koppen zetten boven hetzelfde ANP-bericht: ze kleuren de kop, met het oog op hun lezers.

M’n gele-fruitschaal-voorbeeld heeft echter voor mij wel een baard van hier tot gunter. Een tijdje geleden vond ik in Viva een alternatief ervoor. Het is een voorbeeld van data met hun so what met een vette knipoog: dit gaat over vreemdgaan.

In het grijs de cijfers (net leesbaar op deze scan, hoop ik), in het wit de ’so what’.

 

Wat ik in het bijzonder mooi vind aan deze so whats is de vrijheid waarmee de data geïnterpreteerd zijn. Vooral in het tweede blokje gaat dat ver: de data laten een ‘groot gebrek aan zelfinzicht’ zien. Dat is niet objectief af te leiden uit de data; Pieternel geeft er een kleur aan met behulp van wat ze verder over het onderwerp weet - en ze prikkelt de lezer natuurlijk ook graag.

Ik zeg altijd maar: iedereen kan feiten op een rijtje zetten. Maar zeggen wat ze betekenen, op een voor de lezer interessante en relevante manier, daar is vakkennis, lef en flair voor nodig.

Tien tips voor columns

maandag, juli 26th, 2010

Leuk: http://www.taalcentrum-vu.nl/columnwedstrijd.html. Het gaat over een columnwedstrijd die het Taalcentrum VU deze zomer organiseert, da’s al leuk, maar helemaal leuk én nuttig zijn de tien tips (do’s en don’t’s) voor een succesvolle column.

Lees deze bijzonder interessante post!

maandag, juli 26th, 2010

Leuke en zinnige blogpost: http://www.adamsherk.com/public-relations/most-overused-press-release-buzzwords/ Het gaat over buzzwords, marketing- en managementtermen die veel te vaak gebruikt worden in een poging een boodschap kracht bij te zetten - maar die zo ‘overgebruikt’ zijn dat ze afgesleten zijn en niet veel meer betekenen. De lijst in het blog is in het Engels, maar het is niet moeilijk je er Nederlandse equivalenten bij voor te stellen.

Aan het eind stelt blogger Adam Sherk de vraag:

Which terms do you think are the biggest offenders? What would you love to see stricken from marketing speak forever?

Welnu, waar ik het meest een hekel aan heb, is het marketingtrucje om de kwaliteit van iets te benoemen, terwijl je die als gebruiker (/lezer/cliënt/patiënt enzovoort) eigenlijk zelf moet constateren. Zoals in de titel van deze blogpost: als ik met ‘bijzonder interessant’ mijn eigen post bedoel, heb ik alvast bepaald hoe de lezer hem moet ervaren. Als lezer vind ik dat afschuwelijk.

Kom naar het ‘oergezellige’ feest! Uh, nou, dat zie ik daar wel.

In de titel van één van mijn eigen boeken zit ook zoiets. De ondertitel van Van bullet naar boodschap luidt: ‘een heldere gids voor boeiende Powerpoint-presentaties’. Nou, dat kon wat mij betreft maar net, en bij een uitgeverij heb je ook te maken met de marketing-afdeling. Marketeers geloven namelijk vaak wel in dit soort kreten, dat blijft een punt van discussie tussen die discipline en de mijne. Ik zou van mijn eigen boek nooit op de cover zetten dat het ‘helder’ is. Dat mag de lezer bepalen. Maarja, zo zeggen marketeers, zo verkoopt het beter. Ik betwijfel dat, maar weet van geen onderzoek.  

Het allerergste is natuurlijk als een bedrijf luid en duidelijk zegt dat ze ‘klantvriendelijk’ zijn. Meestal is dat dan níet het geval, want zo is het ook nog eens een keer: als iets vanzelf spreekt, hoef je het niet rond te bazuinen.

In de lijst met buzzwords krijg ik dus vooral jeuk van greatest, top, unique, largest, innovative, exclusive, easy to use, enzovoort. Niet voor niets is een vuistregel voor krachtig schrijven dat je zo veel mogelijk op bijvoeglijke naamwoorden moet bezuinigen….

(met dank aan Sticky Slides via wie ik Adam Sherk’s post vond)

Twee!

woensdag, juli 21st, 2010

Vandaag is het weblog twee jaar geworden: het begon op 21 juli 2008. Reden voor een verjaardagsfeestje? Ja, het gaat goed. Het is me in die twee jaar goed gelukt om regelmatig te schrijven, en daar heb ik zelf veel aan gehad doordat het me dwong om mijn, vaak nieuwe, kennis en ervaring uit te laten kristalliseren zodat ik hem kon opschrijven. Dat draagt bij aan mijn ontwikkeling in mijn vak. En dat ook anderen dat opschrijven waarderen, wat blijkt uit reacties die ik krijg op dit blog, een tijdje geleden in Tekstblad (ik schreef daarover eerder al dat ik daar blij mee was) en soms mondeling of per e-mail.

Dus, ik ga vrolijk verder. En hef later vandaag het glas op deze verjaardag!

(En oja, voor de trouwe volgers: er stond hier gisteravond en vanochtend een bericht dat pas voor later bedoeld is, als vervolg op iets wat ook nog moet komen. Kwestie van verkeerde knoppie gister. Ik heb het inmiddels weer weggehaald - maar wordt vervolgd!)

Schrijven is ook time management

maandag, juli 19th, 2010

Interessant stuk in De Groene van journalist Joeri Boom die in toenemende mate opgeslokt wordt door zijn schrijfwerk, iets wat voor velen herkenbaar is:

Het duurt een eeuwigheid voordat ik me ertoe kan zetten de eerste zin te tikken, en die eeuwigheid vul ik niet met luieren, maar met research. Uitdiepen, onderzoeken, interviewen, even nabellen, gegevens checken. Net zo lang totdat ik genoeg informatie heb om een heel boek te schrijven, in plaats van drie pagina’s in De Groene Amsterdammer. En die pagina’s schrijf ik niet zelden midden in de nacht om de deadline nog te kunnen halen.

Hij volgt een diepgaande, persoonlijke cursus time management om beter met tijd te leren omgaan, en dat heeft effect - lees maar.

Jammer dat het artikel midden in de zomer verschijnt. Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar voor mij is time management in de rustige vakantiemaanden een stuk minder urgent dan normaal. Dat heeft te maken met het thema ‘luiheid’, dat natuurlijk wel een toepasselijk zomerthema is. Als je goed met je tijd omgaan, heb je meer ruimte voor luiheid. En dat is lekker natuurlijk - ’s zomers én ’s winters!

Wat doet die Spanjaard nou met mijn column?

dinsdag, juli 6th, 2010

Ik meldde hier eerder het verschijnen van mijn 59e Fietsvrouwcolumn. Die column wordt hier (echt waar!) bekeken door een Spanjaard - die overigens een paar woordjes Nederlands spreekt, maar niet genoeg om een column te lezen. Wat is dat nou?

Welnu, deze meneer is de wielrenner Juan Antonio Flecha, en die komt in die column voor. ik ben al jarenlang fan van hem. Bij de start van de Tour de France heb ik kans gezien om hem een exemplaar van Fiets te geven met daarin mijn stuk met zijn naam erin. Hij vond het leuk - en ik al helemaal!

Tekst & Communicatie Powered by WordPress
Berichten (RSS) en Reacties (RSS).