Slot adviseren over Communicatie

Vorige week hebben we het vak ‘Adviseren over communicatie’ afgerond. De slotweek begon ermee dat de studenten hun reflectieverslag inleverden. Ik heb die verslagen met veel plezier gelezen. De meest opvallende zin uit de stapel van 28 verslagen was deze openingszin van Eva van Schaijk:

De afgelopen periode heb ik voor mijn studie voor het eerst stukken van twee pagina’s geschreven in plaats van vijftig pagina’s tellende rapporten.

Toen ik ‘m voor het eerst las, schoot ik spontaan in de lach, terwijl ik later dacht: het is ook eigenlijk om te huilen hoe slecht het hoger onderwijs studenten voorbereidt op de praktijk. Enfin, daar heb ik het hier vaker over (laatst nog). Het contrast tussen onderwijs/universiteit en praktijk is in het vak regelmatig aan de orde gekomen, en ik hoop dat ik de studenten zo wél een beetje heb voorbereid.

Verder waren de reflectieverslagen heel uiteenlopend. Ik heb meer een reactie gegeven dan echte feedback, en ook mijn reacties waren heel verschillend. Wel gaf ik een aantal tips meerdere keren, en die heb ik voor hier bij elkaar geharkt:

  • Over adviseren over schrijven/teksten: Blijf vooral doorgaan met het ontwikkelen van je eigen schrijven. Dat doe je door veel te schrijven, deels voor jezelf (‘freewriting’ – de studenten kennen dat) en deels ook in allerlei contexten, dus met een variatie in genres en lezers. Vraag op die tweede vorm vooral ook veel feedback, dat is dé manier om steeds beter te gaan schrijven.
  • Over beter luisteren, een boekentip: De kracht van luisteren. Inzicht in communicatie van Larry Barker en Kittie Watson (Den Haag: BZZTôh, 2001, alleen tweedehands nog te verkrijgen, of anders in het Engels: Listen up!) Daar kun je praktisch mee aan de slag, en er staan bovendien veel leuke voorbeelden in.
  • Over beter ‘nee’ zeggen: wat mij heeft geholpen is om het ‘ja’ zeggen uit te stellen. Ik bedoel: ik vond (of vind nog steeds) het in eerste instantie lastig om ‘nee’ te zeggen, en wat ik me heb aangeleerd is om dan iets te zeggen als ‘vind je het goed als ik er later op terugkom/als ik het je morgen laat weten’ e.d. Zo geef ik mezelf de kans om na te gaan wat ik écht wil zeggen en dat eventueel ook te onderbouwen, of met een alternatief te komen.
  • Over beter overtuigen: overtuigen bij adviseren begint met het opbouwen van partnerschap. Dan hoef je namelijk niet te overtuigen, want je hebt het advies samen gemaakt en zo al commitment gekweekt.
  • Over flexibel zijn: ja, belangrijk, maar zorg ervoor dat je niet te flexibel wordt, want dat heeft minstens twee valkuilen: qua tijd kan het ten koste gaan van de balans in je leven, en inhoudelijk neigt al te veel flexibiliteit kan gaan neigen naar de handlangersrol met de opdrachtgever (‘u vraagt, wij draaien’, c.q. ‘zegt u het maar’. Dan ben je dus niet voldoende gelijkwaardig.
  • Als er naar mijn idee wel heel vaak ‘moeten’ voorkwam in het verslag heb ik daar ook iets over gezegd, zo van: kijk vooral ook naar wat je al kunt, zet jezelf niet te veel onder druk, wat als je ‘moeten’ overal eens zou vervangen door ‘willen’?

Op het laatste college hebben de studenten deze en andere reacties van me teruggehad, we moesten verder nog wat andere dingetjes regelen en tot slot hebben de studenten allemaal een kaart uitgekozen en aan zichzelf geschreven die ze over een paar maanden van me terugkrijgen. Ze zijn dan stage aan het lopen en die kaart gaat hen eraan helpen herinneren dat goed stage lopen nog iets anders is dan echt adviseren. Deze kaarten zijn het:

Kaarten van&voor de studenten

En toen zat het erop! Ik heb het geven van het vak als best pittig ervaren, en daarom was ik er blij om dat het afgelopen was, maar toch vond ik het ook jammer: ik leerde de studenten pas net echt kennen. En nu zie ik ze niet meer! Er komt ook geen vervolg, want het vak houdt op te bestaan. Ik heb het met veel plezier gegeven en er zelf ook veel van geleerd. Dat zat hem in wat voor mij ook nieuwe literatuur, in de gastcolleges, maar vooral in de leuke, goede en slimme dingen waar de studenten mee kwamen. Ik praatte nog even na met de hoogleraar waaronder het vak valt, en die zei dat ook: precies dat is het leuke van werken met studenten!


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.